vrijdag 7 augustus 2015

Ingenieur Tijmen.

Ik vond het hardstikke leuk om deze zomer opnieuw naar de Zomeracademie op de Welberg te gaan. Ik heb het er thuis met mijn broer en zus regelmatig over. Niet alleen is er ruim aandacht voor educatie, maar ook voor recreatie, sport en fysieke arbeid ( de bramen, pruimen en peren zijn immers rijp ! ).
Deze week stond in het kader van het thema: "Het leven is een puzzel en de kunst is de juiste stukjes bijeen te plaatsen". Nou en dat kunnen ze op de Welberg.
Meteen al vanaf de eerste dag kreeg ik rijles, waarbij veiligheid voorop stond of zat ?
Dat dit een soort sprinkhanenplaag tot gevolg had bij de tent is een van de onvoorziene zaken die zich kunnen voordoen.
Wij gingen daar soepel mee om.
Ook op de eerste dag maakte ik kennis met de mogelijkheden van water en liet ik mijzelf met hoge snelheid een afdaling maken. Ja ik wil alles het liefst een keer proberen.
 Ik sta meestal vroeg op en ga dan naar de keuken om wat te eten. Omdat ik zo vroeg ben is het er dan vaak nog mistig en is het vinden van de juiste voeding niet gemakkelijk.
Hulde voor de kokkin die naast de standaardpap ( met vrije vruchtentoevoeging ) elke dag weer menu's weet te verzinnen waar mijn jonge hart extra van gaat kloppen.
Hoofdvak deze week was waterbouwkunde. Zo weinig mogelijk theorie en zoveel mogelijk veldwerk.
Zo belandden wij voor een eerste oriëntatie aan het strand van Tholen. Het water daar is rustig en staat in een open verbinding met de Noordzee. Wel was het er erg druk op de dijk. Vermoedelijk een personeelsdag van Ballast Nedam.
Het bericht ging rond dat er deze week een 2de Suezkanaal geopend zou worden. Dat is mooi, maar mijn grote voorbeeld blijft natuurlijk wel Ferdinand de Lesseps, die het echte werk verrichtte.
Genoeg gepraat en aan de slag.
Na een uurtje had ik wel een goed overzicht en inzicht wat het graven van een kanaal betekent en kreeg ik behoefte aan wat extra mankracht.
De docente waterbouwkunde had zich echter - gelukkig tijdelijk - van mijn project teruggetrokken.
De verslagen van gisteren moesten nog gelezen worden.
Gelukkig werd mijn noodkreet opgevangen door een grote sterke man en zo waren wij rond 15.00 uur klaar met het werk en in voor iets lekkers.
Een appel of zo.
De docente waterbouwkunde inspecteerde de diepgang van het nieuwe stuwmeer en liet een tevreden "mooi" horen, wat zoveel betekent als kans hebben op een ijsje.
Na thuiskomst wachtte ons een uitgebreide en versbereide maaltijd. Die ging erin als kip. Natuurlijk wel met wat extra ketchup. Tenminste als de fles open wilde.
Daarna was er een zogenaamde pauzedag. Dat betekende hard werken in de tuin, puzzels oplossen, mijn concept voor de binnenstad van Huissen in 2030 verder uitwerken ( ja architekt worden lijkt mij ook wel wat ) en een cursus Siësta.

Ik mocht een uur lang met een vochtig doekje op mijn ogen op de bank liggen, terwijl mijn coach een zacht muziekje opzette. Het werd een even heerlijke als bijzondere ervaring, die ik helaas niet helemaal bewust kon meemaken. Zo relaxed was ik.
Siësta............daar zouden meer mensen aan moeten doen.

Op woensdag was ik er helemaal klaar voor: op naar het Noordzeestrand. Het was eb en daardoor was het strand groter als anders. Ik dacht zelfs even Engeland te kunnen zien. Ja er was daar iets in de verte.
Op het water was een meneer met een waterscooter bezig een banaan heel hard voort te trekken. Op de banaan zaten mensen, die er zich tegen betaling af lieten werpen.
Ja, het is een merkwaardige wereld. 
Tijd dus voor serieuzere zaken: een bouwproject.
Samen met de docenten waterbouwkunde en ondertunneling gingen wij aan de slag:
Een waterbestendig kasteel met 3 bergtorens. Een buiten de slotgracht. Daar hield een gevleugelde prinses de wacht.
Een must in deze situatie.
Samen deden wij wat bodemproeven en ontwikkelden we een vorm van systeembouw die weldra breed navolging zou gaan vinden.
Tussen de middag was er tijd voor een wandeling. 
De docent ondertunneling hield de wacht bij het kasteel en hij zou een plan maken voor die middag.
Dat ondertunnelen werd een aparte ervaring. We begonnen vanaf 2 kanten te graven en we hoopten elkaar ergens midden onder de berg te ontmoeten. Daar zijn geen foto's van i.v.m. de stofontwikkeling.
Na enige tijd was het zo ver: wij konden elkaar de hand schudden en dat voelde geweldig.
De eerste mens op de maan, Hillary op de Mount Everest, Stanley die Livingstone vindt.......allemaal soortgelijke ervaringen. Geweldig ! En dat allemaal in Ellemeet.
Wij vierden het succes met een ijsje, waarna wij zuchtend en steunend het bouwgereedschap terugbrachten naar de andere kant van de duinen.
Met een superzuinige rit ( onze chauffeuse scoorde 1 op 25 ) kwamen we weer thuis.
Daar stond in een mum van tijd een heerlijke pastamaaltij op tafel en daar wordt ik zo blij van.
Na het eten gaf de docente Feng Sui een voorbeeld van harmonieuze ordening. Dat was voor mij oude koek. Die vaardigheid heb ik immers al onder de knie.
Voor het slapen gaan mocht ik dan nog luisteren naar een lezing.
Een waar ik ontspannen van kon slapen en dromen. 
Over de grote zee en al mijn plannen daarmee.

Tijmen.
Zomeracademie Welberg.
Augustus 2015.







zaterdag 25 juli 2015

Zomaar een dag op de Welberg



Ik vond het een goed idee toen oma Inge mij vroeg of ik bij haar wilde komen logeren op de Welberg. Thuis is het altijd heel gezellig en ik vind het ook fijn om eens een paar dagen alle tijd voor jezelf te hebben en de dingen te doen waar ik anders geen tijd voor heb.


Bij oma is dat altijd een all inclusive vakantie. Ik heb er een eigen kamer, een landschapstuin, gratis eten en drinken en als het nodig is koopt zij spullen en gereedschap voor mij zodat ik mijzelf verder kan ontwikkelen.


Na een paar dagen waarin weer van alles gebeurde en we van alles deden ( zoals zwemmen, een kijkdoos maken en leiding geven aan de Minions ) kwam ook opa Henk op visite.
Hij stapte uit de auto en kwam zo te zien net terug uit Frankrijk, want hij had 2 grote zonnebloemen bij zich die hij een naam had gegeven.


 We kregen er allebei een en nadat we er een tijdje blij mee hadden rondgelopen zette oma ze in een vaas voor het raam, zodat ze konden zien wat wij daar allemaal deden.
Henk houdt nogal van een groentesoepje en dus had ik die de dag tevoren met zorg klaargemaakt. Hij vond het er heel lekker uit zien. Vrolijk ook.


Na een sappige “kinderkoffie” gingen we de tuin in om de eerste pruimen van het seizoen te plukken en nadat opa de boom wat uitgegraven had, plukten wij een kleine maar smakelijke oogst.


Oma Inge had inmiddels ook de “boom met de kleine peertjes” aangesproken en dat werd dus een heerlijke proeverij, waarbij ik leerde dat je die kleintjes qua rijpheid goed in de gaten moest houden.


Daarna ging ik mijn planning voor de middag maken en mocht ik roepen wat er nu getekend moest worden. Henk tekende dat dan en en dan leek het nog ook. Opa werd zo een soort super-minion.


Na een uitgebreide lunch op het zonnige terras ben ik een tijdje gaan lezen op mijn kamer, tot ik wat slaperig werd en weer naar beneden ging om te zioen wat er in de snurkerij gebeurde.
Met enthousiasme maakte ik iedereen wakker en konden we beginnen met de volgende activiteit: een opleiding tot brandweervrouw. Niet onbelangrijk omdat het goed  is je al jong te oriënteren op je toekomstmogelijkheden. En brandjes, die zijn van alle tijden.

Nadat oma mij had laat te zien hoe je moest vullen, uitrukken en blussen deed ik dat zo goed mogelijk na. Creatief als ik ben ontwikkelde ik al snel mijn eigen methode, het zgn. “detailblussen”.

Het lijkt op aquarelleren, maar vraagt meer concentratie.

Intussen had Opa Henk zich in de relaxstoel van oma gehesen om naar de Tour de France te kijken. Nou wat gingen die fietsers hard naar beneden. Dat wilde ik wel zien.

Eerst was het spannend, maar al snel werd het heel leuk.
Ik was dan die ene met dat bruine shirt die voorop reed en Henk was die met de gele trui. 


Die deed zijn best mij te pakken, maar dat lukte mooi niet.
In de haarspeldbochten bewogen opa en ik soepel mee. Zo was het alsof wij echt van de berg af gingen.


Ondertussen was Oma de etenszakjes aan het klaarmaken ( rode aardappeltjes, roze zalm, groenetrui boontjes en salade ). Het viel niet mee om na zo’n fietstocht ( en mijn succes daarin ) op mijn gemak te eten. Ik zat zogezegd “nog steeds op de fiets, in de meest wonderlijke houdingen “.


Toen zei oma dat er morgen weer een etappe zou zijn en dat ik daar beter goed uitgerust aan kon beginnen. Dat vond ik een wijs besluit en moeiteloos gaf ik mij in bed over aan een nieuwe afdaling ( natuurlijk pas nadat oma het tourjournaal had voorgelezen ).
. Dit keer fietste ik in droomland.

woensdag 22 juli 2015

Zomercolumn: de inname van Brielle.

dinsdag 21 juli 2015

De inname van Den Brielle en omgeving.
Onverwachts door een advertentie bij Buienradar kwam Brielle weer in beeld. 


Recent op bezoek in Vierpolders had ik de toren van de St. Catherijnekerk in de verte gezien, maar daar bleef het bij. Nu las ik iets over een bluesfestival op zondag.
En waar de blues is…….daar ga ik poolshoogte nemen.

Onderweg dronk ik alvast veel water. Tenslotte was ik vandaag een beetje Watergeus en het was zonnig, droog, warm en winderig weer. En ik zou ook nog gaan presteren.
 Dit in combinatie met een bezoek aan het strand van Oostvoorne, waar ik ooit in een inmiddels ver verleden  ( toen alles nog mocht ) met mijn nieuwe Renault 5 had vastgezeten. En dat terwijl het vloed werd.


Nog langer geleden -  ik kon toen al wel lopen – gingen we met het gezin een dagje Brielle doen. Iets met een processie en martelaren ? Of was dat Gorkum ? Flarden van beelden zijn er van blijven hangen. Tijd dus ook om mijn herinneringen op te frissen.

Mijn auto kon ik gemakkelijk kwijt bij Albert Heijn en een heer wees mij linea recta de weg naar het centrum en de St,Catherijnekerk, die helaas nooit was afgebouwd: verticaal en horizontaal.
 Het zag er goed uit: er waren exposities van Juke Hudig ( mij niet onbekend ) n.a.v. het boek Job en eentje over vriendschap. Daarnaast kon ik voor een euro de kerk bekijken en ………..de toren beklimmen ( wel op eigen risico ). De deal was snel gesloten.

En daar stond ik dan: aan de basis. 57 meter hoog en 318 treden. Gewoon beginnen dacht ik en tussendoor even op adem komen. Halverwege begon ik te verlangen naar het einde. Iets verderop vroeg ik mij af of een draagbaar hier te gebruiken was en of ambulancebroeders een goede conditie hadden.


 Bij trede 300 dacht ik aan een AID en reanimatie. Waar was ik aan begonnen ? Mijn hart was hoog in mijn keel voelbaar, ontsteeg mij voor korte tijd en was als eerste boven. Een bijzondere ervaring.

Na enige herstelfase was het uitzicht beslist de moeite waard. De toren was nooit helemaal afgebouwd ( gelukkig maar ), maar had wel een soort puntdak met daarboven een gouden schip, glanzend in de zon.

Na de fotosessie mocht ik weer naar beneden. Boven mij hoorde ik een kind roepen: Pappa ik word zo duizelig. Pappa was het ook. Het was hier net als in de Efteling. Het ziet er leuk uit en toch voelt het anders.

Een tikkie misselijk belandde ook ik bij prachtige pastels van Juke Hudig. Vrolijk waren ze niet en wat mij opviel was dat ik de enige “hond” was die ernaar keek. Ja het boek Job is niet trendy. En dan ook nog tussen de vele graven in de vloer.


Eenmaal buiten besloot ik een stukje van de wallen te doen en dat was mooi. Hier en daar een verdwaald kanon en een hermetisch afgesloten Kruithuys. Albert Heijn was wel open en zo reed ik Den Briel weer via de drukke en ook krappe uitgangspoort uit.


Terwijl ik in de auto The Beachboys met Good Vibrations opzette, spoedde ik mij naar het strand. Nou ja, er waren wat afgesloten wegen, maar uiteindelijk bereikte ik het Brielsche Meer. Tijd voor de lunch en verse homemade koffie.
Het strand aan het Brielsche Meer viel voor mij al snel af, want er werd veelvuldig hard in kinderen genepen, want het gekrijs was niet van de lucht.


Maar wat wil je met uitzicht op de Botlekbossen ?


Snel spoedde ik mij naar het zeestrand: groot, stil en heel veel eb ( Cornwall moet binnen bereik gelegen hebben ). Verder waren er wat kitesurfers die geen tijd hadden om te gillen: er moest bij deze wind hard gewerkt worden.


Ik besloot mij, ongeacht de duur, over te geven aan het eblopen. Ik waande mij in Normandië en de duinen waren nog slechts een streep aan de horizon. Hier moesten mijn schoenen uit en begon het water. In de verte lag een gele boei.


Normaal zwem ik graag naar zo iets toe, maar veel te zwemmen viel er niet. Wandelen dat wel.


Het opkomende water begon even later mij achtergelaten schoenen te bedreigen en ik keerde de boei mijn rug toe en liep richting vasteland, Een stukje via een natuurbeschermd strand………na afloop lukte het mij niet de kleverige olie van mijn anders zo frisse nageltjes te verwijderen.
Nog voor de avondspits bereikte ik het Ommoordse. De zilte zeewind zat nog in mijn snor, de olie aan mijn voeten, het mulle zand in mijn broek en schoenen.
Het was een mooie excursie 


( op die ene automobilist na, dat was echt een lelijkerd ).

Henk.

Surfin' U.S.A.