Om 10.30 uur ontmoetten we elkaar op een plek naast de Brabant Art Fair waar het vrij parkeren was ( min of meer bedoeld voor de exposanten ). Albert en Thea waren al vroeg uit het verre Limburg op reis gegaan voor onze jaarlijkse culturele reünie. Zelf was ik nog vroeger omdat ik wist dat het ter plekke nogal rommelig is, kan zijn. Een goede voorbereiding als organisator is het halve werk.
En nadat wij allen in onze fundamentele behoeften hadden voorzien, gingen wij naar binnen en naar de koffie. De prijzen daarvan deden mij denken aan het programma: Van onschatbare waarde. Gelukkig wist Albert nog ergens een paar gedeformeerde krakelingetjes te regelen.
Dat was even wennen, maar als je dan ontdekt dat je de juiste kleuren draagt, dan komt de ontspanning vanzelf. Tijd om ons aan de kunst over te geven. En die was er volop en vele paden lang. En als leuke bijkomstigheid: het was nog rustig. Al was dat ook snel voorbij.
Erik Blok was er deze keer ook weer bij. Zijn kleurrijke, abstracte landschappen verkopen goed en dat mag ook wel als je minimaal 800 euro voor een kleine cabine betaald. Deze is mogelijk zelfs het dubbele. Een extra spotje kost je 50 euro, vertelde een exposante in het geheim. De verkoop is dus wel belangrijk ( tenzij je een rijke tante hebt ).
Nicolette die er zelf uit zag als een fraaie bloem liet door deze schilderijen haar wonderschone innerlijk zien. Mooi uitgelicht kwam zij nog meer tot haar recht. Ik deelde met haar onze voorkeur voor het diepe paars dat zij geschilderd had.
Het leuke van een dergelijke beurs is dat als je dat wilt je met de meeste kunstenaars heel open gesprekken kunt voeren. Zo vertelde deze kunstenares, echt een boeiende dame, dat zij hoopte veel te verkopen, omdat zij thuis een man en 2 kinderen had. Brood op de plank ! Ik kreeg hier ook wel associaties met brood ( vloerbrood en volkoren Matses ). Het waren echter gemengde technieken.
Intussen had Thea een juwelier ontdekt, die bijzondere ringen maakte. Albert moedigde haar aanvankelijk aan er een te kopen. De prijs viel echter buiten het voorgenomen dagbudget. Gelukkig had zij al een ring die aan een mooie tijd deed denken.
Het ver uit leukste gesprek hadden wij, Albert zag krijgers aan de muur, met een donkerharige dame met tintelende ogen. Zoals zij over haar werk vertelde: het leven als een grote speeltuin waarin alles mogelijk is en wordt. Dit was slechts een voorbeeld van haar bijzondere collectie "nooit eerder vertoonde zaken" en daar hou ik van. Leve de verbeeldingskracht !
Ik begon zelfs een beetje van haar te houden.
Regelmatig waaierden wij uit door de ruimte, waardoor we dingen konden zien die de ander niet zag. Albert kwam zowaar met foto's die ik niet herkende. Nou ja, dat blad met paardenhaar, dat had ik wel eerder gezien. De maakster zelf was doodstil en wat timide, maar haar vriendin niet: dat leidde ook nu tot een goed gesprek over Oosterse glazuurtechnieken, zoals Raku.
Glaskunst was er ook, net als een collage waarin geduld kleurrijk vertolkt werd.
Eerder die ochtend parkeerde Sabine Van Terwisga haar auto naast mij. Zij droeg een blouse als een in het zonlicht schitterend denkbeeldig landschap. Ga je exposeren ? vroeg ik. Ja, zei ze, jij ook ? Ik had gelijk weer een doel in mijn leven. Later heb ik haar opgezocht, maar ze was net een heel groot stokbrood aan het eten. Adembenemend ! We keken elkaar aan en ik maakte met een glimlach duidelijk dat zij goed bezig was. Haar bloes glansde nog mooier dan eerder die ochtend. Maar wel met kruimels.
Dat kunst niet ingewikkeld hoeft te zijn was te zien bij Esther. Wat een eenvoud in dat blauwe kuikentje met de rode schaduw. Daar was over na gedacht.
Twee meer antroposofische getinte kunstenaressen brachten natuur in de vorm van enorme vilten bladeren en herbarium-achtige schilderijen. Best mooi. Apart ook.
Ook bij de buren was het gras groen, maar daar ging het vooral om de abstracte bronzen, die gelukkig wat van het buitenlicht konden pakken.
Ineens was het genoeg. Er was zoveel te zien. Kwamen zoveel ogen tekort. Hadden zulke mooie gesprekken met kunstenaars, dat ik besloot de nooduitgang te gebruiken en mijn compagnons maakten daar ook graag gebruik van.
Achter de expositieruimte lag STOOM, een eenvoudig koffietentje met een prima koffie of capuccino. Wel met lange wachttijden ( had veel weg van de gezondheidszorg ), maar het was goddelijk weer en het terras zo gevuld, dat wij de tafel deelden met een gezellig Limburgs stel en hun dochter.
Die had een reis door Paraguay gemaakt en was bezig met een fotoboek. Ook zocht zij naar een toilet en niet zo'n kast waar Albert in en uit ging ( wat een kleurrijke combinatie overigens ! ), maar een mooie, schone, luxe met bril.
Die wist ik wel bij de skatebaan en toen ik haar daar bracht werd zij heel blij. Terugkomend liep zij ook anders. Mooi om daaraan te hebben meegewerkt.
Met een laatste knuffel namen wij afscheid, waar ook een wederziens in zat en zo reden wij naar onze eigen uithoeken in het land.
Thuisgekomen was het tijd voor een verfrissend voetbad.
Tilburg, 22 maart 2025.
Tekst: Henk.
Fotografie: Henk en Albert
Cultuuradvies: Thea.