Vriendin Yvon had via "Brievenbuskunst" een uitnodiging gekregen om mee te doen aan een opdracht "kopzorgen". Die bestond uit een hoofd dat boven geopend was en daar mocht dan van alles naar buiten komen. Een bijna therapeutisch concept. En er waren variaties mogelijk ( zonder open schedel b.v. ). Al met al reden om een voorproefje te doen en dat zag er zo uit:
Een mooi idee dus ook voor de workshop op zondag en deze viel inderdaad in de smaak. De afspraak was minimaal 2 schilderijen te maken ( 60 x 40 cm ). Een waarbij echte kopzorgen domineerden en een waarbij het leven wat lichter en luchtiger werd gepresenteerd. Het leverde een bonte collectie op:
Voor mijzelf ontstond - in hoog tempo geschilderd - een onbedoeld 3-luik. Eerst een hoofd vol vuurkracht (daarin werd zowaar Mick Jagger gesignaleerd ) , de tweede had een veel koelere uitstraling, meer de waterkracht.
Een deelneemster met een klassieke achtergrond zag er Zeus en Poseidon in. Ook mooi, al wist ik toen niet dat Hades ook in de buurt was. Er was veel verf over en ik besloot de paletten uit te smeren en te bewerken. Dat leverde een even eenvoudig als intens schilderij op dat voor mij naadloos tussen de anderen paste.
Met enige verwondering constateerde ik achteraf dat ik recent een soortgelijk drieluik, maar zeer gestileerd gemaakt had. Met het verschil dat in het midden enerzijds de Zon en anderzijds de Schaduw te zien is. en dat alles onbewust.
Om het thema nog wat verder te exploreren kwam ik gisteren uit op dit schilderij. : Vrouw met rood haar.
Tussendoor kwamen er nieuwe leporello's van de band. Erg leuk om te verkopen of als geschenk te geven.
Spirituele Urgentie, Onzichtbare handen, Reizen van Rooskens, etc.
Als ik zoiets lees, dan wil ik wel weten wat daar aan de hand is. Een zekere urgentie diende zich aan. Eugenie was ook benieuwd en dus gingen we op woensdagmiddag naar het Stedelijk Museum in Schiedam.
Het werd een reis door een wondere wereld. Dat begon al in de centrale hal. Daar stond eten en drinken uitgesteld, waarvoor je mocht betalen wat je het waard vond. Om te voorkomen dat eventuele kruimeldieven toe zouden slaan, stond er een richtprijs bij.
Dat was echter voor later, want wij wilden de zgn. Vrouwenvleugel in waar 3 etages spirituele urgentie op ons lagen te wachten. Gelukkig was er een lift, zodat ik zonder ongemak tussen aarde en hemel kon reizen.
En ineens stond ik daar in een soort zwevende hemel ( Memo Akten, quantum-mechanica, wisselwerking materie, energie ). Alles was zacht en mooi. De bewegingen waren subtiel en hypnotiserend. Helaas kakelden op de achtergrond 2 misplaatste engelen. Mogelijk was ik dan toch niet in de echte hemel. Dan maar terug naar de aarde.
Zo was er een dame ( Sophie Steengracht, Peru, animisme ) die van alles maakte van natuurlijke materialen. En een deel van haar innerlijke wereld hing hier zomaar aan de muur ! Dezelfde kleurentaal vond ik elders ook terug bij Jennifer Tee, maar in mathematische vormgeving: een levensboom. Ook daar waren natuurlijke elementen ingebracht.
Ineens werd ik mij bewust van een zacht gezoem en achter een mooi hemelsblauw gordijn werd zichtbaar hoe een gezond bijenvolkje een soort van supermaïskolf ( of zonnepaneel ? ) bemandde. Ook fascinerend om naar te kijken.
En dan stond ik voor een donkere ruimte ( er was geen lichtpuntje te zien ). Was dit de duistere kant van het spirituele ? Wat mij opviel was dat ik mijn schaduwkant in beeld kreeg. Daar schrik ik gelukkig niet meer zo van, omdat ik recent ontdekte dat iedereen zoiets heeft.
Deze schaduw nodigde mij uit verder te gaan. Met nog half verblindde ogen tastte ik rond in het duister.....en niet voor niets: ineens stond ik in de ruimte en werd getuige van een pulserende maan die ik nog niet eerder gezien had.
Eugenie raakte gebiologeerd door deze bijzondere maan en besloot zelfs wat langer in orbit te blijven. Ik wilde echter verder, omdat vlak daarbij de nederdaling van de Heilige Geest ( Pinksteren ) in beeld was gebracht. Minder dynamisch. Wel uit een andere tijd natuurlijk.
Een logisch gevolg van het verkennen van de Lichtwereld is dat de Schaduwwereld ( trauma's ) ook in beeld gaan komen. En dat ziet er niet altijd gezellig uit, getuige deze moderne vorm van het Wajangspel, waarin toespelingen op de Rorschachtest. Shertise Solano, de maakster duidt dit als een noodzakelijk proces van heling. Zij komt uit Curacao, waar magie en geesten een belangrijke rol in het leven vertolken.
Om niet te somber het Museum te hoeven verlaten had het Stedelijk ook een ruimte ingericht waar het Licht al was doorgebroken. Heldere zachte kleuren, een wensmuur en allerlei beelden en kleding waarmee blijdschap en liefde werd opgewekt.
Natuurlijk lieten wij niet na onze liefste wensen voor onszelf en anderen op blaadjes-vormige papiertjes te schrijven en op te hangen. Wij werden deel van het kunstwerk.
Op de zolder werd deze keer een expositie gehouden van beelden die een eerbetoon vormden aan alle schoonmaaksters en dienstbodes in Schiedam. Meisjes werden vanaf hun 13de soms ondergebracht bij beter gesitueerden. Het was hard werk, mede omdat deze taken niet onder de Wet van Kinderarbeid vielen. Je moest dus ook nog geluk hebben, oftewel een goede, menselijke werkgever.
En zo zat onze reis door de Vrouwenvleugel en de Spirituele Urgentie erop. Tijd voor een versnapering in het zelfbedieningsconcept in de lobby. Het was even zoeken naar de opties en waar alles te halen. Dat mondde uit in een bovennatuurlijke anonieme thee en een cappuccino die grotendeels uit melk bestond. Eugenie wist mij te verleiden tot de zoete kant van dit museale leven: een appelnotenrondo en een mini-brownie.
Na het betalen van een schappelijke prijs waren we klaar om de confrontatie aan te gaan in de zgn. Mannenvleugel. Daar exposeerde Femmy Otten met WE Once Were One.
En
dat loog er niet om. Het begon al met dit beeld. Vol verwachting ( want
ging het daar niet om ? ) werden wij langs een opsomming van
geslachtsdelen, bevruchtingen, baarmoeders en geboortes geleid. Waarbij de dierlijke aspecten van de mens als fluisteraars op de schouder meereisden
Soms was het anatomisch heel helder. Soms werd de ( loop-? ) neus met de penis verward of dook er uit de bossages een originele vagina op. Ook waren er losgeraakte tongen op een stalen balk. Gelukkig vroor het niet in de zaal. Er was echt voor elk wat wils.
Wat mij bij binnenkomst opviel van de zoetige geur van gehakt linden. Een uitnodiging om die van dichtbij te ervaren. Dus besnuffelden wij deze meneer en inderdaad: de verse geur....niet van sandel-, maar lindehout. Het moet gezegd: Femmy is een uiterst bekwaam beeldhouwster Opvallend is wel - en wellicht ook logisch gezien de beelden - dat zij een zachte houtsoort gebruikt.
Een verdieping hoger wachtte ons weer iets heel anders: Het Stedelijk Schiedam staat bekend als een "Cobra-nest" en daarin past het werk van Antoon Rooskens perfect. Het is de weerslag van zijn reizen door Noord- en Oost Afrika, IJsland en Groenland en Italië. Het maakt in hem een unieke wonderlijke wereld los, die te zien is in zijn werk. De wezens verschijnen veelal tegen een donkere achtergrond.
En natuurlijk kon een Appeltje voor de dorst niet ontbreken : een Karel Appel pur sang.
Vol van indrukken werd het tijd het museum te verlaten. Een mooie mix van allerlei werelden. Bravo Stedelijk Schiedam. Goed gedaan ! Met een laatste blik op de wat herfstige Lange Haven gingen we naar huis.
Enige
tijd geleden vroeg een goede vriendin of ik haar zou kunnen ophalen na
afloop van de schrijfcursus "Gezegende dagen" in een abdij van de
Benedictinessen in Oosterhout. Prima en tegelijk ben ik dan nieuwsgierig
naar deze abdij. Veel vroegere kloosters zijn tegenwoordig gemeenschap /
cursuscentra ( De Weyst in Handel ) of conferentieoord ( Samaya in
Werkhove ), terwijl de oorspronkelijke bewoners naar elders zijn
verhuisd. In Zundert bezocht ik vorig jaar nog een abdij oude stijl van
de Trappisten.
Deze
Onze Lieve Vrouwe Abdij wordt nog altijd bewoond door de zusters
Benedictinessen. Vroeger, in Frankrijk, heetten ze "Monialen de
Wisques". In 1901 echter werden zij gedwongen daar te verdwijnen in het
kader van de secularisatiepolitiek uit 1901. Zonder die politiek zou
mijn vriendin hier nu niet hebben kunnen schrijven.
Rond
11.00 uur vertrok ik van huis in de verwachting dat ik eerst nog een
kleine boswandeling zou kunnen maken. Eerst even langs het klooster om
te zien waar het was en of daar een bos zou zijn. Dat was niet zo en dus
spoedde ik mij naar de Natuurpoort een aantal kilometers verderop. Ik
was niet de enige. Op de enorme parkeerplaats stonden honderden auto's (
hoezo natuurpoort ? ). Ik glipte rechts langs de verkeersregelaar in de
hoop verderop meer geluk te hebben. Parkeren kon echter nergens en er
schoten zwermen mountainbikers links en rechts langs mij heen.
Uiteindelijk kwam ik op een soort van vuilstort tot stilstand voor de
lunch. Ook daar massa's bikers en een jonge dame die geruime tijd bijna met haar buik
op mijn zijraam hing. Scrollend natuurlijk.
In deze wat rommelige ambiance smaakte mijn vers gezette koffie en mijn
broodje tonijn zeker niet slecht, maar liever zit ik in de natuur van
Meer. Het teveel is daar een stuk minder. Na de lunch had ik nog wat
tijd om een stukje te wandelen tussen de .............die op een
grasveld in een soort draaimolen reden. Soms luid roepend. Enkelen gaven
aan misselijk te zijn geworden. Bij onderzoek liep ik hier in het
grootste bikers-parcours van Nederland. Ik besloot het veld verder in te lopen
en belandde op een golfparcours........
Dan
maar wat eerder naar de abdij. Rond 13.00 uur kwam ik er aan en besloot
gelijk op verkenning te gaan. De zo geroemde tuin was dicht, maar de
kerk en het gebouw waren open.......en er was niemand te zien. Stilte,
wierook, sobere vormgeving. Ik kwam weer thuis. Welkom geheten door een
levensgrote Onze Lieve Vrouwe.
De
kerk was er een van soberheid en eenvoud. De ruimte was stil. Een verademing. Alleen
het orgel deed nog denken aan vroeger. Het tabernakel was in dit geval
een zuil met daarop een gouden kist. ook heel passend in dit interieur.
Bij
het verlaten van de kerk verscheen een zeer vriendelijke en
nieuwsgierige zuster. Ik meldde het doel van mijn aanwezigheid en
complimenteerde haar met de sfeer binnen. Tegelijk keek ik verliefd naar
de touwen die uit het plafond kwamen ( een ondeugende jongen meldde
zich ). Kun je daarmee de klokken luiden ? vroeg ik speels. Dat klopte,
maar het was er niet de juiste tijd voor..........dan maar een foto.
Nog een mooi detail vond ik de crucifix en de doopvont ? Of vermoedelijk het bekken met wijwater voor de zegening bij binnenkomst.
Omdat
er door de cursisten nog gegeten werd besloot ik de gang in te gaan met
aan weerszijden religieuze hebbedingetjes. Ik ging voor de bijl : kocht
kooltjes en een potje wierook ( zien eruit als gekleurde kraaltjes ) om thuis nog
eens een vroegere beleving te scheppen.
Ook
waren er mooie kaarten met een hoog engelengehalte in kleur en beeld.
Bij het afrekenen stond eerlijkheid en verantwoordelijkheid voorop: ik
kon gewoon in de kas om te betalen. Nog wat verbaasd meldde ik het toch
nog even aan een voorbijsnellende zuster die elders een bloemenhulde
ging verzorgen.
En
toen werd het tijd om naar huis te gaan. Mijn vriendin vertelde
honderduit over haar ervaringen van het weekend. En dan heeft ze ook nog
geschreven. Na een soepele rit kwamen we thuis. Het was weer mooi
geweest.
Diezelfde
avond brandde ik een kooltje met wierook. Dat werd schril onderbroken
door het brandalarm dat niets leek te begrijpen van deze oude
herbeleving.
Het kostte wat innerlijke discussie of ik wel of niet zou gaan. Vermoedelijk zou het er heel druk zijn op zaterdag en deze keer had ik geen vrijkaart. Ik besloot er een last minute van te maken en boekte om 10.15 uur een ticket van 22,50 euro. Nu hielp wel mee dat ik nog nooit ( schande ! ) als Rotterdammer in of nabij deze fabriek was geweest, die op de Werelderfgoedlijst staat.
De optie om voor 12,50 euro een paar uurtjes te parkeren liet ik aan mij voorbij gaan. In plaats daarvan zocht ik een plekje bij het kasteel van Sparta. Daar kon ik eenvoudig boeken ( zone 510 ) en reed vervolgens terug naar de rand van deze zone op een ( flinke ) steenworp van Van Nelle. Ik was niet de enige. Integendeel een grote stroom liefhebbers begaf zich naar de ingang. In de garderobe was het zo druk dat er extra zuurstof nodig was. Met ingehouden adem, jas aan, spoedde ik mij naar de expo-ruimte. Daar was nog plek. Zelfs om te fotograferen ( nou ja, beetje geduld was wel nodig ).
De hal was verdeeld in kleine of grotere ruimtes. Het zag er allemaal wat goedkoop uit. Vermoedelijk noodgalerietjes. Maar ja, ik was hier natuurlijk niet bij de PAN in de Rai of de TEFAF in Maastricht. Ik vond het er allemaal "effe snel ingericht" uitzien. Wat rommelig ook. Net als het aanbod. En allegaartje van van alles en nog wat. Soms kwaliteit, maar ook veel gebroddel ( zoals dit thuishulp-concept ). Vrij naar Joseph Beuys. Ga er maar aan staan.
Ik probeerde de grote instroom wat voor te blijven door naar achteren te gaan, waar ik een alleraardigst gesprek had met een dame, die benieuwd was waarom ik dat ene werk bij haar fotografeerde. Ik vertelde haar dat ik er een "doorstroming" in zag ( een thema waar ik zelf momenteel mee werk ) en een ruggengraat. Ik adviseerde haar het werk aan te bieden ( verkopen mag ook ) aan een chiropractor. Dat leidde tot een gulle lach. Het doel van mijn reis kreeg zo ook meer invulling.
Associaties volop. Zo zongen wij donderdag op het wereldkoor Roots het lied: Another man gone done. He had a long chain on. I didn't know his name. Het kwam onmiddellijk op bij dit beeld.
Na het gedeeld te hebben met mijn mede-bassen stuurde Theo deze door.
Johnny Cash zingt het lied overigens op een speciale manier. Het langzame, zich steeds herhalende werken aan de spoorlijn wordt voelbaar.
Het deuntje neuriënd vervolgde ik mijn weg. Langs de dame die denkt een gloeilamp te zijn. En een verliefd stel dat dacht naar de bewegende sterrenhemel te kijken
Voor wie liever de zon inging was er een uitbundige parasol of een prachtig gebit, waarbij ook aan het keelgat gedacht werd. En vegetariër zo te zien.
Ja, er was alom geëxperimenteerd. Soms op het onzinnige af. Zo kon je voor 50 eurocent 3 proppen papier naar blikjes gooien. De mislukking stond van te voren vast. Heeft met zwaartekracht te maken, vermoed ik.
Ook de keramiek was niet meer wat het geweest was. Vormloos geknoei met klei en glazuur, nou ja er was een kobaltblauw vogelkopje dat net voor 3500 euro van eigenaar had gewisseld.
Gelukkig was er ook iemand die met karton had gewerkt. Ook hij of zij had de jas mee naar binnen genomen. En dan was er ook nog erotiek in rozenkwarts. Altijd cool zoiets aan de muur.
Ik kreeg plots een groot verlangen om naar buiten te gaan, maar dat was makkelijker gezegd dan gedaan. De weg terug naar de ingang had iets van zwemmen tegen de stroom in. Heel druk en veel mensen konden zo te zien ook hun draai niet vinden. Zgn. draaikolkjes. Ze waren er volop. Zich niet bewust van hun omgeving. Hoogstens meestromend met de vleesgeworden rivier.
Tsjonge ! Ik leek helemaal niet enthousiast meer, alhoewel: dit vond ik nog wel leuk.
Buiten was er ook genoeg te zien, zoals deze comfortabele tent met kachel. Dit sprak mij wel aan. In ieder geval meer als de tent ernaast ( inclusief Roodkapje ).
Het laatste wat ik van deze expositie zag ( je kon er gewoon niet om heen ) waren 2 vrouwenbenen. Volgend jaar de rest, dacht ik. Alhoewel. Ik laat dit rariteitenkabinet volgend jaar en ook de jaren erna aan mij voorbij gaan. Ik heb mooiere beurzen en presentaties gezien.
Op weg naar de auto liep ik ook nog verkeerd ( mijn auto ver voorbij tot ik bij de betaalautomaat bij Sparta aankwam ). Ik besloot deze vergissing te zien als een bijdrage aan Rotterdam Art.
Daarna was er verse koffie met vers gebakken brood. Heerlijk, vakmanschap !